zondag 27 september 2015

Nazomer Teaser 2015

Ieder jaar doe ik naast wat officiële evenementen ook altijd wel een dagje met wat fietsvriendjes over de Noord Franse kasseien rossen. Soms combineer ik dat met de recon van de profs op de donderdag of vrijdag voor de koers.
Maar ook wel eens aan het eind van de zomer zoals vandaag.

Vooraf vindt een ieder dit altijd gaaf maar uiteindelijk stapte we maar met vier man op de fiets. Auto in Hem geparkeerd en naar het zuiden gefietst om bij Pont Thibaut het parcours op te gaan. Stenen lagen er braaf bij en met name het laatste deel van deze strook is na de restauratie van een paar jaar terug een stuk minder lastig.
Als volgende strook stond Le Moulin de Vertain op het programma. Het begin van de strook wordt sinds kort gesierd met een wat kitscherige reuze kassei en een bakstenen muurtje met alle winnaars. Muurtje is wel leuk maar had ik toch wat meer geïntegreerd in het landschap.
Daarna Chemin de l'Epinette welke met name in het begin gruwelijk slecht ligt. Is geloof ik in de laatste edities van de koers ook niet gebruikt.

In Cysoing toch maar even koffie en daarna de echte finale in. Rap achter elkaar Pavé Duclos-Lassalle, Bourghelles naar Wannehain en Camphin-en-Pévèle. Allemaal vier sterren stroken die als een soort van verwoestend voorgerecht worden opgediend. Voorgerecht? Ja een voorgerecht want de onbarmhartige 2100 meter kasseien van Carrefour de L'Arbre moeten daarna nog worden overwonnen.
Carrefour gaat per jaar achteruit en vraag me echt af hoe lang deze strook nog in de koers mag blijven als er niet wordt ingegrepen. Vooral de laatste paar honderd meter voor de laatste bocht (ook wel de Hushovdbocht genoemd) liggen er gruwelijk slecht bij.
Toch alle vier zonder problemen bij het Restaurant de L'Arbre. Troost je fietsers zijn hier niet echt welkom!

Na Carrefour zit het er eigenlijk wel op maar Gruson blijft toch ook een vieze nabrander en Hem is een geval apart.
De strook van Hem is - en een ieder beaamt dat gewoon een vieze lastige strook. Kasseien liggen uit elkaar en de asfalt strook is een levensgevaarlijke onderneming. Wie hier in gaten gaat zoeken komt zeker nog vermiste renners tegen. Wat we ook miste was het monument van Hennie Kuiper. Gewoon weg?

Hierna in galop naar Roubaix om een ererondje op de wielerbaan te rijden. Nog even de douches bezichtigen en terug naar de auto in Hem.
Ik ben inmiddels de tel kwijt hoe vaak ik hier gefietst heb en het gaat nooit vervelen. Iedere keer weer zoeken hoe je net weer wat beter die strook kan nemen. Bij Carrefour is dat een lastige opgave omdat de strook snel minder wordt.
Alle vier goed over de stenen gekomen en geen pech of gekke dingen. Dan rest er maar één ding en dat zijn de foto's:


Foto: De eerste strook. Een van m'n favorieten maar ook een dien niet onderschat mag worden.


Foto: Beetje matige reuze kassei maar als je er toch bent.............even op de foto!


Foto: Wall of Fame


Foto: Koffiepauze in Cysoing


Foto: Even doortrekken.............


Foto: Nieuwe voorraad!


Foto: Pas op voor de Hushovdbocht!


Foto: Biertje bij 6 Bonniers (geheimtip)


Foto: De strook van Hem blijft toch wel een last ding.


Foto: Velodrome Roubaix


Foto: Betere reuze kassei!


Foto: Douches welke meer verhalen kunnen vertellen dan welke andere douches dan ook.

Fotoalbum Parijs-Roubaix Teaser 2015

woensdag 16 september 2015

Het WK

Onderstaande kolom heb ik al eens voor een andere blog beschikbaar gesteld. Met het WK voor de deur even afgestoft, want het WK blijft toch een unieke koers.

Na de grote rondes kan ik zelf altijd enorm naar het WK uitkijken. Het is een andere dan alle andere wedstrijden. Dat komt door een paar aspecten. Belangrijkste is natuurlijk dat het WK volgens het landenconcept wordt gereden. Dit heeft als effect dat grote wielerlanden de betere knechten vaak thuis laten omdat “alle” kopmannen worden uitgezonden. Of een gevecht over welke kopman krijgt welke knechten.

Daarnaast wordt het WK op een omloop gereden. Ook dat heeft een bepaald effect op een koers. Verder is de transfermarkt een belangrijker beïnvloeder van de koers. Renners kunnen in één dag hun seizoen goedmaken. Maar nog meer invloed is het magische spel van een renner uit land A die voor ploeg X uit land B rijdt maar volgend jaar voor ploeg Y uit land C gaat rijden.

Voor mij – en dan ga ik helemaal niks geks zeggen – is Parijs Roubaix de allermooiste koers die er is. De schoonste zoals mijn Belgische vrienden zeggen. Maar het WK is de meest fascinerende. Ruim voor de start rol je al over de belangen. Forse geldbedragen (liefkozend premies genoemd) rollen bij een titel over tafel. Renners, sponsors, toekomstige sponsors, bonden en zelfs de media stellen eisen. Een ingewikkeld spel waarbij de huidige financiële crisis een flauw potje “Mens erger je niet” is.

Er is bij ieder WK ook altijd wel wat aan de hand. Daarom gewoon een luchtige greep uit de historie…..als warmloper.

1963 – In een dolle massaspurt klopt knecht Benoni Beheyt de Keizer van Herentals. Dat laatste is de bijnaam voor Rik van Looy ook wel Rik II genoemd. Van Looy was snel en zo zegen zeker. De clan van Looy heeft sinds dien het leven van Benoni tot een hel gemaakt. Hoewel ik groot respect heb voor de erelijst van Looy heb ik het altijd een naar mens gevonden. De vriendschap tussen Rik en Benoni is ook nooit meer wat geworden. Ik begrijp Benoni wel.

1969 – Harm Ottenbros was voor mij een van de inspiraties om aan wielrennen te gaan doen. Ik heb vele foto’s en kaarten met handtekeningen van Harm. Merckx en Van Looy misdroegen zich beide weer eens op vaderlandse bodem en knecht Stevens kon Harm niet van de titel houden. Heel België weende en Harm was een onwenselijk kampioen. Harm werd verguist want Belgisch supporters zijn niet de meest sportieve als het resultaat niet bevalt. De vriendschap tussen Harm en de wielersport was dan ook ver te zoeken en Harm kapte te vroeg met z’n carrière. Triest!

1973 – Ocana, Maertens, Merckx en Gimondi gaan als keizer-kwartet naar de finish. Freddy is de snelste, Luis rijdt een thuiswedstrijd, Merckx kan een record vestigen en Gimondi mist nog een regenboogtrui op z’n palmares. De twee Belgen… de twee Belgen gunnen elkaar het licht niet in de ogen. Eddy en Felice zijn al jaren bevriend en Merckx speelt het spel in het voordeel van z’n vriend. Heel België staat op z’n kop en de vriendschap tussen Eddy en Freddy had het nodige onderhoud nodig.

1977 – Francesco Moser klopt “Der Didi” in een zeer dubieuze spurt. Thurau hangt zelfs aan z’n remmen. Het is overigens niet alleen Checco die met de duiten wuift. Ook de toekomstige sponsor van Didi ziet de Duitser liever in een sponsortrui rijden dan in een regenboogtrui. De vriendschap tussen Moser en Thurau werd er niet minder door en later werden ze ploegmaten en zesdaagse koppel.

1978 – Checco wilde weer met een zak geld rammelen. Nu naar onze eigen Gerrie. De Kneet was natuurlijk niet de domste en liet Moser in de waan dat hij met een tweede plek ook heel gelukkig zou zijn. De hemel had de hele dag gehuild maar Gerrie deed er nog een schepje bovenop. Tranen op het podium! Prachtig! Ondanks dat ik een groot Moser fan ben genoot ik enorm van dit WK. De vriendschap tussen Gerrie en Moser is nooit meer wat geworden. Toch praat Moser nog steeds oprecht met respect over De Kneet.

1979 – Nu is het Raas die Thurau klopt. Niet omdat Didi in de remmen hing maar Raas had geen al te zware dag gehad. Jan werd iedere beklimming de Cauberg opgeduwd en de NOS bracht het keurig in beeld. De vriendschap tussen Jan en de NOS is nooit meer wat geworden.

1988 – Maurizo Fondriest stond aan het begin van z’n carrière en profiteerde optimaal van de strijd tussen Bauer en Criquelion. Nu heb ik Criquelion altijd een jankebankerd gevonden en Bauer nooit een echt onsportieve vent. Maar we waren in België (Ronse) dus Bauer ging op het offerblok. Dit zijn ook van die momenten dat ik ineens een stuk minder van België hou. Het supporters-cross-sfeertje zeg maar. Lijkt mij teveel op voetbal. Maar de vriendschap tussen Bauer en Criquelion was natuurlijk definitief naar vaantjes.

2007 – Bettini bolt met een symbolisch pistoolschot als winnaar over de finish in het “brave” Stuttgart. Getergd door politici die hem niet wilde laten starten. Ik kon zelf ook m’n grijns niet onderdrukken toen ik hem zag winnen.

2010 – Pozzato heeft een half jaar geen sex omdat dat een goed resultaat op het WK zou brengen. De ijdele Pipo haalt net het podium niet en is het lachertje van het peloton. Thor had die week veel “zondiger” geleefd als we z’n glimlach op het podium mogen geloven.

2011 – De Italiaanse bond heeft besloten geen ex-dopingzondaars mee te nemen. Dat doet Pettachi mogelijk besluiten Kazak te worden. Kijk eens naar het doping verleden van dat land en wat een wrange keuze moet dat dan zijn.

Gewoon een paar voorbeelden en het geeft zo prachtige aan dat het WK altijd een beladen koers is. Daarom ook zo jammer dat deze in de achterkant van de kalender is geduwd. Ik zie het WK veel liever tussen Tour en Vuelta. Is ook voor de Vuelta beter want die wordt nu door teveel renners als trainingskoers gebruikt.

Het WK.... het duurt nog even maar ik ben er helemaal klaar voor.


Foto: Een van m'n plakboeken en een foto van Harm Ottenbros met handtekening

woensdag 27 mei 2015

Espoirs 31 mei 2015

Als je niks hebt beslist de moeite om te gaan kijken. Vooral op Carrefour want deze jongens geven serieus gas. Nederlanders doen het doorgaans goed in deze koers voor renners onder de 23 en ook de Vlaamse renners hebben hier een indrukwekkende erelijst.

Retro Rit Parijs-Roubaix

Zaterdag 26 september 2015 organiseer ik een retro rit op het parcours van Parijs-Roubaix. Even buiten Roubaix spreken we af en rijden dan richting Pont Thibault vanwaar we het parcours volgen tot de wielerbaan.
Daarna is het in een paar minuten terug naar het verzamelpunt.
De rit wordt als groep gereden en volgens het retro concept: toeclips, kabels als boogjes over het stuur en schakelen aan de schuine buis. Verder is het leuk als je een trui draagt van een van de ex winnaars.

Omdat het een besloten evenement is vindt deelname plaats op uitnodiging. Ben je een fan van Parijs-Roubaix en retro?
Verzoek tot aanmelden kan op de speciale facebookpagina: Parijs-Roubaix Retor Teaser


Foto: Uiteraard gaan we over Carrefour de L'Arbre met de fameuze bocht waar menig renner z'n kansen verloren heeft zien gaan.

woensdag 15 april 2015

Jong geleerd oud gedaan

De profs kregen afgelopen zondag een flink bak kritiek over zich heen naar aanleiding van het incident bij de spoorwegovergang. Het was natuurlijk ook een trieste vertoning. Wat echt schandalig is dat ieder na ieder liep te wijzen.
Niemand, niemand, niemand nam de verantwoordelijkheid. Ook achteraf niet.
Triest genoeg is dit filmpje van de dag voor Parijs-Roubaix opgenomen.

Het is tijdens de Ronde van Vlaanderen voor amateurs die afgelopen zaterdag is verreden.
Op de beelden is goed te zien hoe onwaarschijnlijk roekeloos de renners maar door blijven rijden.
Ik ken deze overgang vrij goed en ben daar al tientallen malen geweest. Hier wordt veel gevallen en de overweg ligt in een bocht vlak na een afdaling over kasseien. Je kan hem overigens prima zien en signaal zie en hoor je daar prima. Meermaals gestaan als er een trein aankomt.
Niemand zit daar echt strak op z'n fiets en een uitglijder is daar zo gemaakt. Meermaals zijn daar ook renners OP de overweg gevallen!

Als ze bij de amateurs je dit al bij brengen wordt het lastig om je als prof nog op te voeden. Al eens nagedacht als je die machinist bent? Zo'n kerel in die trein kan echt naar de sloop als het fout gaat.
Al eens nagedacht aan die supporters die daar eventueel met kinderen staan?
Als je zelf dood wil prima. Laat ieder daar vooral lekker zelf z'n keuze in maken. Maar zadel een ander daar niet mee op. Al helemaal niet als het live op TV is.

Trieste hoogtepunten van deze mooie koersen.............



vrijdag 10 april 2015

Parcours 2015

Het parcours is dit jaar 253,5 km lang en bevat 52.7 km kasseien. Gister hebben de eerste ploegen de verkenning gedaan en "De Hel" ligt er mooi bij.
Reportages laten droge kasseien zien en zelfs de strook van Haveluy (Pave Hinault) is behoorlijk opgeknapt. Deze zag er dinsdag nog uit als een imposant kanaal maar is inmiddels goed te berijden.

Morgen wordt iets regen verwacht en ik ga zelf polshoogte nemen en eind van de dag op deze blog een verslag van de Parijs-Roubaix Challenge voor wielertoeristen.



Johan Museeuw: 2000

In 1998 was Johan Museeuw tijdens Parijs-Roubaix zwaar gevallen in het Bos van Wallers. Heel even werd er zelfs voor z'n been gevreesd.
De vreselijke val had als effect dat het Bos in 1999 en 2000 in omgekeerde richting werd gereden. Van Noord naar Zuid loopt het iets berg op en dat zou het tempo moeten drukken.
In welke richting het bos ook gereden zou worden Johan wilde wraak. Wraak op z'n knie en daarnaast wilde hij natuurlijk een keer echt winnen.
Natuurlijk was de overwinning uit 1996 niet uit de lucht komen vallen, maar je wint liever solo dan "in een sprint" met twee ploegmaten die vol in de remmen gaan.
Diep in de finale zaten er echter nog wat snelle mannen op het vinkentouw zoals van Petegem, Zabel, Zanini en Hincapie.
Johan nam geen risico en zorgde dat hij alleen de wielerbaan op kwam rijden.
Dat gaf hem ook voldoende tijd om met een prachtig gebaar naar z'n knie te wijzen toen hij over de streep kwam. Wat moet dat een ongelooflijk mooi moment voor Johan zijn geweest.
Tristan Hoffman werd netjes vierde en Mapei die in die jaren in "De Hel" Oppermachtig was had weer drie man in de eerste tien.

Podium 2000:
1 Johan Museeuw
2 Peter van Petegem
3 Erik Zabel

Rapha is een fabrikant van opvallende wielerkleding. Ze promoten deze kleding door al even opvallende filmpjes te maken.
In een van die filmpjes hebben ze zich door de knie van Johan laten inspireren: "A throw of the dice" Prachtig!


donderdag 9 april 2015

Dompteur de pavés…

Le Tour heeft haar jaarlijks clip gepubliceerd. Smullen en bij de echte fans zal het vast al aardig jeuken.

woensdag 8 april 2015

Kanshebbers 2015

Niki Terpstra – met tweede plaatsen in Omloop Het Nieuwsblad, E3 Prijs en Ronde van Vlaanderen onmiskenbaar een van de top favorieten. Laatste drie editie van Parijs-Roubaix werd hij 5e, 3e en 1e en is daarmee in de recente geschiedenis een van de meest constante renners.

Zdeněk Štybar – met een schitterende overwinning in Strade Bianche, tweede plaats in de E3 en top tien ronde van Vlaanderen een serieuze kandidaat. 6e bij zijn debuut in 2013 want zomaar winst had kunnen zijn als een onoplettende toeschouwer z’n kansen niet had verprutst. Vorige jaar 4e omdat hij de vlucht van Terpstra moest beschermen. Stybar en Terpstra kunnen daarnaast op een erg sterke ploeg rekenen die het op kasseien altijd goed doet.

Bradley Wiggins – vorig jaar ’n zinnen eens serieus op deze koers gezet wat leiden tot een fraaie 9de plaats. In de Ronde van Vlaanderen misschien niet top maar op weg naar Roubaix zitten geen echte hellingen en in de tijdrit van de Panne liet Wiggins zien dat hij gruwelijk hard kan rijden.

Geraint Thomas – winst in de E3 en 3e in Gent-Wevelgem en met name in die laatste koers liet hij zien erg goed met extreme omstandigheden om te kunnen gaan. Vorig jaar al 7de in Roubaix en samen met Wiggins een zeer krachtig Sky-blok.

John Degenkolb – vorig jaar gefrustreerd over z’n tweede plaats op de wielerbaan en uitermate gemotiveerd. Kan na z’n schitterende winst in Milaan-San Remo heel relax aan de helletocht beginnen en kan daardoor optimaal pokeren. Kan natuurlijk als geen ander op z’n sprint vertrouwen. Naast winst in San Remo liet hij afgelopen zondag in Vlaanderen (7e) zien dat de conditie nog steeds ok is.

Alexander Kristoff – zelf ziet hij zich niet als een kanshebber. Met een tweede plaats in Milaan-San Remo en formidabele winst in de Panne, de Ronde van Vlaanderen en de Grote Scheldeprijs is het toch lastig om de sympathieke Noor niet bij de kanshebbers te plaatsen.

Sep Vanmarcke - misschien wel de beste kasseispecialist van dit moment. Sep is ook aan het groeien en niet meer de jakkebankerd zoals in het begin van z'n profcarrière. Z'n volwassen reactie na de Ronde van Vlaanderen laat zien dat Sep een enorme stap heeft gemaakt. In sport - zeker zo'n zware en lastige sport als wielrennen - is het kopje net zo belangrijk als de benen. Na z'n 2de plaats in 2013 en net buiten het podium in 2014 kan Sep in één klap het voorseizoen voor zichzelf en voor Lotto-Jumbo goed maken.

Lars Boom - in de ronde van Vlaanderen goed op weg en met de kassei-etappe in de Tour van vorig op zak moet Lars zeker op het rijtje kanshebbers. Toch zijn z'n uitslagen in Parijs-Roubaix tot nu toe niet echt om in een lijstje op de schoorsteen te zetten: 2010 opgave, daarna 12e, 6e, 14e en 37e? Toch ziet Lars er gemotiveerd uit en hoort zeker tot de kanshebbers.

Naast deze kanshebbers mogen we ook renners als Sagan (nog niet top dit jaar), Langeveld, Demare, Turgot. Van Avermaet, Gaudin en Leukemnans vergeten.

Niet aan de start
Twee zeer grote namen staan helaas niet aan de start en dat zijn Tom Boonen en Fabian Cancellara. Samen goed voor zeven overwinningen!
Jammer en voor beide vooral een persoonlijk drama. Van hier wens in beide toppers ook het allerbeste en gun ze beide nog een mooi tweede deel van het seizoen.
Tom had met een vijfde overwinning alleen recordhouder kunnen worden of Fabian met een vierde op gelijke hoogte met Tom en Roger (de Vlaeminck).
Toch moeten we niet te overdreven doen zoals in sommige kranten. Of de koers onthoofd zou zijn?
Vorig jaar hebben beide geen grote indruk gemaakt. Beide zagen er niet erg fris meer uit toen ze van Carrefour kwamen. Renners als Terpstra, Degenkolb, Wiggins en Thomas zaten heel wat frisser op de fiets. Ook in 2013 was de overwinning van Cancellara niet meer zo overtuigend als in 2006 en 2010. Beide toppers hebben een lange en zeer zware carrière achter de rug en het zal toch steeds moeilijker worden om nog zo'n koers te winnen.
Natuurlijk is in een koers als Parijs-Roubaix ervaring misschien wel het belangrijkste wapen, maar de top om een dergelijke koers te winnen is op dit moment erg breed.

Dat de top zo breed is gaat er zeker voor zorgen dat het zondag de moeite is om je voor de buis te kluisteren.


Foto: Wiens naam wordt er zondag toegevoegd aan de erelijst boven de bar in Cafe Au Pave?

Mapei: 3 keer 3 is 9

De ploeg opereerde tussen 1993 en 2002 en domineerde met name de voorjaarskoersen. De eerste twee jaar was nog een beetje zoeken maar vanaf 1995 kwam de ploeg goed onder stoom.

Met de kennis van nu wordt iedere prestatie uit het verleden onder een vergrootglas gelegd en met argwaan bekeken.
Ik begrijp het wel maar berichtgeving over doping is een handel op zich geworden. Ik ben niet naïef maar laat mijn plezier in het wielrennen ook niet verprutsen door alle berichtgeving over doping.

Strikt genomen ben ik voorstander om alles vrij te laten. Wel zou ik voor zware sancties zijn richting de ploeg als renners gezondheidsproblemen krijgen. Maar zo zijn de regels niet en zo lang de regels zijn zoals ze zijn zal ieder zich er aan moeten houden. Probleem is natuurlijk dat iedere uitzonderlijke prestatie met enig argwaan wordt bekeken.

Laten we naar Mapei gaan. De ploeg werd structureel bemand door echte kleppers. Wat te denken van: Tony Rominger, Franco Ballerini, Abraham Olano, Johan Museeuw, Andrea Tafi, Tom Steels, Frank Vandenbroucke, Pavel Tonkov, Frank Vandenbroucke, Oscar Camenzind, Paolo Bettini, Óscar Freire en Michele Bartoli.

Wat hebben die mannen niet gewonnen?
Naast de rij kleppers en de enorme erelijst viel de ploeg ook op door een van de lelijkste shirts die er ooit hebben rond gereden.
Een allegaartje aan kleuren en opdruk van co-sponsors. Spuug en spuuglelijk.

Ten aanzien van Parijs-Roubaix - daar gaat deze blog nu eenmaal over - viel de ploeg op als geen ander.
Maar liefst vijfmaal (5!!!) wist de ploeg de Helleklassieker te winnen:

1995 Franco Ballerini
1996 Johan Museeuw
1998 Franco Ballerini
1999 Andrea Tafi
2000 Johan Museeuw

Driemaal wist de ploeg een compleet podium te bemachtigen:

Podium 1996:
1. Johan Museeuw
2. Gianluca Bortolami
3. Andrea Tafi

Podium 1998:
1. Franco Ballerini
2. Andrea Tafi
3. Wilfried Peeters

Podium 1999:
1. Andrea Tafi
2. Wilfried Peeters
3. Tom Steels

Drie keer drie podiumplaatsen is toch wel heel indrukwekkend. Verdacht? Met wat we nu weten wellicht wel maar renners werden er bij Mapei wel op uitgezocht dat ze het in dit soort koersen goed zouden doen.

Een traditie die werd voortgezet..................

In 2001 verkaste onder andere Museeuw naar de Domo Farm friet ploeg om daar het succes in Parijs-Roubaix voor te zetten. Deze ploeg bestond twee jaar en scoorde beide keren in Parijs-Roubaix de hoofdprijs.  In 2001 was de beurt aan Knaven en in 2002 pakte Museeuw z'n derde Parijs-Roubaix.
In 2001 zetten Domo met een compleet podium de Mapei traditie voort.

Een groot deel van de Domo ploeg ging begin 2003 over in de Quick Step ploeg. Met Tom Boonen zorgt deze ploeg dat ze ook al vier keer een winnaar in Roubaix heeft afgeleverd.



Foto: Ieder jaar was er weer een nog lelijkere variant van de Mapei trui. 
Wie hem mooi vind mag het zeggen.

zondag 5 april 2015

Vélodrome Roubaix

Een van de doelstellingen van de eerste edities van Parijs-Roubaix was het onder de aandacht brengen van de wielerbaan van Roubaix.
In die jaren (eind 19e eeuw) werden de meeste wielerwedstrijden op wielerbanen gehouden.
Op de baan was in die jaren ook een veelvoud te verdienen ten opzichte van wedstrijden op de weg.
Toch ontbrak het aan wedstrijden op de baan aan een heroïsche component.
Door lange afstand wedstrijden te organiseren die van stad tot stad gingen ontstond er meer heroïek. In die jaren barsten het van de wielerbanen en veel lange afstandswedstrijden eindigde op een wielerbaan.
De aankomst werd vooraf gegaan door een programma op de baan, zodat het publiek de hele dag vermaakt werd.

Foto: Voor een wielerbaan is het velodroom van Roubaix met een lengte van 500 meter aan de forse kant.

De huidige wielerbaan wordt sinds de Tweede Wereldoorlog gebruikt met uitzondering van de jaren 1986-1988. In die jaren zorgde een sponsor voor enige verloedering in het gemeengoed van Parijs-Roubaix.
In de eerste 50 jaar van de koers is de finish op diverse plaatsen gefinisht waaronder de paardenbaan van Marqc. De oude wielerbaan bestaat niet meer.
De huidige baan is door de jaren heen een monument op zich geworden. Hier solo aankomen is een van de mooiste momenten die een coureur kan overkomen.
Het contrast tussen de helse kasseien en de gemoedelijke sfeer in het velodroom is enorm.
Maar ook een sprint voor de overwinning op deze baan heeft ook iets mythisch. Vraag het aan Jan Janssen, Eddy Planckaert, Roger de Vlaeminck of Duclos-Lassalle.

Foto: Basisplan voor het plaatsen van een overdekte baan naast het bestaande velodroom.


Twee jaar terug ging er een kleine schok door wielerland. Er werd een aankondiging gedaan van een nieuwe dichte wielerbaan in Roubaix.
Snel werd de conclusie getrokken dat dit ten koste zou gaan van de traditionele finish van Parijs-Roubaix.
De tekening met het voorstel was echter duidelijk zat.
De nieuwe overdekte baan komt naast het bestaande velodroom. Dus de aankomst zoals we die al bijna 60 (!!!) jaar gewend zijn is voorlopig gegarandeerd.

Foto: Maquette van het nieuwe overdekte velodroom.

De wielerbaan is doorgaans op een doordeweekse dag goed te bezoeken. In het weekend zijn er regelmatig activiteiten dus als je een bezoekje wilt doen is het handig dat vooraf uit te zoeken.

>
Foto: De nieuwe wielerbaan tijdens de bouw in januari 2012

Postzegel 100e Parijs-Roubaix

In 2002 bracht La Poste een herdenkingspostzegel uit. Dit naar aanleiding van 100e editie van Parijs-Roubaix.
De zegel is ontworpen door Thierry Mordant. Mordant kennen we vooral van fantasy werelden. Feeen, prinsessen, kabouters en fantasiefiguren. Prachtige kalenders, drieluiken van fantasiewerelden.
Mordant is een zeer productief baasje en heeft naast Frankrijk ook voor Monaco een groot aantal postzegels ontworpen.

De zegel van Mordant toont twee renners welke over de kasseien dokkeren. Opmerkelijk is echter de rechter achtervork van de achterste renner.
Toch vond de La Poste dat geen probleem en de postzegel verscheen op de cover van Philinfo van maart 2002. Samen met een foto van Hinault en een ploegmaat die op de kasseien aan het trainen zijn. Mooi voor een Parijs-Roubaix verzameling.
Ik doe het nog even alleen met de zegel:



Voor de eerstedagstempel had de Franse post een prachtige stempel laten maken. Hier op een speciale enveloppe inclusief de handtekening van Thierry Mordant.



Van het thema wielrennen zijn een enorme hoeveelheid postzegels verschenen. Ik heb deze een aantal jaar redelijk fanatiek verzameld. Ben daar eind jaren 80 mee gestopt en m'n verzameling van de hand gedaan. Ik had op dat moment 1600 verschillende zegels met wielersport, renners etc.
De meeste zegels gaan over het thema Tour de France of het wereldkampioenschap. Inmiddels zijn er meer dan 10.000 verschillende postzegels met het thema wielrennen uitgebracht.
Dus als je nog een hobby zoekt...................

zaterdag 4 april 2015

Albert Champion: 1899

De naam Champion zal bij de meeste kenners van autotechniek een andere associatie opleveren dan wielersport.
Champion is natuurlijk vooral bekend van bougies in de rode doosjes.
Albert Champion was constante bezig om sneller te zijn. Met de auto, met de motor en met de fiets.

Als jonge knaap wist hij direct Parijs-Roubaix te winnen. Zijn hang naar het ontwikkelen van verbeteringen voor motoren zorgde dat z’n overige wielersuccessen wat aan de magere kant zijn gebleven.
Champion is wel een zeer markant figuur in de geschiedenis van Parijs-Roubaix. Daar waar andere noeste bonken bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog het slagveld optrokken verkaste Champion naar Amerika.
Een aantal winnaars van Parijs-Roubaix zijn overigens ook op datzelfde slagveld gesneuveld. Lapize die uit de lucht is geschoten en Faber die sneuvelde tijden een bestorming van een loopgraaf.

Voor vele was je in de beginjaren van de oorlog een lafaard als je niet naar het front ging, maar de verhuizing van Champion naar Amerika heeft hem geen windeieren gelegd.
Hij richten er z’n bedrijf op wat bekend is geworden van de bougies. Ook nam hij er deel aan auto en motorraces om verbeteringen te testen in de praktijk.
Tijdens een van deze races kreeg hij een ongeval. Heel gewoon in die jaren want veiligheid was een aspect dat nauwelijks aandacht kreeg.
Albert moest na het ongeluk wel worden opgekalefaterd en het resultaat was twee ongelijke benen.
Voor Albert geen probleem om het jaar erop op de baan Frans wielerkampioen te worden.

Toch bleek hij teveel last te hebben van z’n blessure en Champion ging zich volledig toeleggen op z’n bedrijf.
In een paar jaar tijd was hij een welgesteld man en dat trekt nu eenmaal wat dubieuze vrouwen aan.
Z’n eerste huwelijk strand en de vrouw uit z’n tweede huwelijk valt niet alleen op rijke, maar daarnaast ook nog op wat foute mannen.
Een van die mannen waar ze parallel afspraakjes mee maakte was bokser geweest. Toen Albert verhaal kwam halen dat het toch echt zijn vrouw was kreeg hij een fors pak slaag.
Een paar uur later overleed hij op z’n hotelkamer.
Door justitie is er geen relatie aangebracht tussen z’n dood en de vechtpartij. Toch roept het vraagtekens op en het is heel aannemelijk dat tegenwoordig een zorgvuldig onderzoek zou plaatsvinden.

Albert Champion ligt begraven op de grootste begraafplaats van Parijs namelijk Cimetière du Père-Lachaise. Een andere bekende wielrenner die hier z’n laatste rust vindt is Laurent Fignon.
Maar we kennen de begraafplaats natuurlijk vooral van Jim Morrisson, Oscar Wilde, Rossini, Edith Piaf, Jean de La Fontaine en een zeer groot aantal Frans kunstenaars en wetenschappers.

Een mooie rustplaats maar voor iemand van nog geen 50 wel veel en veel te vroeg.

Toen de jonge Albert in 1899 Parijs-Roubaix wist te winnen konden we dat allemaal niet weten, maar dat hij een kleurrijk figuur is geweest is wel duidelijk.

Podium 1899
1. Albert Champion
2. Paul Bor
3. Ambroise Garin

donderdag 2 april 2015

Monumenten

Langs de laatste 150 kilometer van Parijs-Roubaix staan heel wat wielermonumenten.
Monument neem ik in deze even heel ruim. Ik zie de wielerbaan en bijzondere aanduidingen voor een kasseistrook ook even als een monument.
Misschien is het begrip bezienswaardigheid een betere keuze, maar emotioneel past het woord  monument nu eenmaal beter bij een koers als Parijs-Roubaix.

Een aantal monumenten komen aan bod bij artikelen over de betreffende renner, maar toch leuk om er eens een paar op een rij te zetten.

Foto: Monument van Jean Stablinski (1932-2007) aan de linkerzijde bij het binnenrijden 
van het Bos van Wallers. Stablinski is min of meer de ontdekker van het Bos van Wallers
 en gaf in 1968 de organisatie het advies deze strook op te nemen.


Foto: Dit eenvoudige zuiltje staat aan het begin van Pavé Madiot. Officiële naam van de strook is 
Beuvry-la-Forêt - Orchies. Na twee overwinningen door de Fransman kreeg deze zijn naam.

>
Foto: Als je de ene Fransman bij twee overwinningen een strook cadeau doet kom je er niet onderuit om 
dat bij de ander ook te doen. Duclos-Lassall was in Frankrijk toch al het fietsende knuffeldier en
 na twee overwinningen kwam dit schild bij het uitrijden van Cysoing.

Foto: Aan het einde van de strook van Hem staat een monument om de totale carrière van Hennie Kuiper 
te onderstrepen. Een paar honderd meter verder waar hij in 1983 met een defect heel wielerminnend 
Nederland een hartverzakking bezorgde. De profs razen hier door, maar voor wielertoeristen een verplichte stop.

Update:  een paar jaar geleden is het monument gestolen. Het nieuwe monument van Kuiper staat in Hem zelf.


Foto: De wielerbaan is natuurlijk een monument op zich. Alle grote kampioenen hebben
 zich hier besmeurd aan het publiek getoond. Op een rustige doordeweekse dag 
kan je de baan meestal wel bezoeken.

Foto: Cafe Au Pavé is een verzameling monumenten. Cafe ligt op het terrein van de 
wielerbaan en heeft een unieke verzameling wielersportrelikwieën.


Foto: De douches zijn natuurlijk de belichaming van de koers uit de oertijd die Parijs-Roubaix toch is.

Als je de laatste honderd kilometer van Parijs-Roubaix rijdt kan je tientallen bezienswaardigheden bezoeken. Dit bovenop een 17 tal kasseistroken die in de laatste 100 kilometer zitten. Op een doordeweekse dag is dit een erg leuk uitje voor wielertoeristen.
Om dat wat makkelijker te maken heb ik in Google Maps een kaart gemaakt met de meest bijzondere monumenten: Kaart bezienswaardigheden Parijs-Roubaix

woensdag 1 april 2015

De neutrale materiaalwagen

Al jaren zijn de mensen van Mavic een begrip in het peloton. Ze verzorgen al jaren de neutrale materiaalauto's.
In koersen waar het lastig is om met de auto bij de renners te komen zetten ze zelfs motoren in met achterop een rek met wielen.
In een normale vlakke etappe in de Tour waarschijnlijk een doodsaaie baan. Met een koers als Parijs-Roubaix moeten echter ook zij vol aan de bak.
Vanuit de auto en vanaf de motor. Smullen!

zaterdag 28 maart 2015

Fabian Cancellara: 2010

Met nog 50 kilometer koers wist de Vlaamse commentator te melden dat het een wat vreemd tussenmoment is. 30 seconden later bleek wat voor een understatement dit zou worden.
Fabian gaat er vandoor en in het voorjaar van 2010 was Cancellara eigenlijk door niemand te kloppen. Dus achtervolgen was zinloos!
Fabian was in het voorjaar van 2010 bezig met een zeldzame lijstje bij elkaar te fietsen. Ook deze Parijs-Roubaix zou hij daar aan toevoegen.

De koplopers die hij voorbij snelde mochten heel even aan hem ruiken maar der Fabian was gevlogen.
Samen met zijn demarrage op De Muur van Geraardsbergen een week eerder riep ook deze prestatie vraagtekens op.
Boze tongen beweerde dat Fabian gebruikt maakte van een elektro motor. Heel internet was er in een paar dagen mee "behangen".
Nu is een dergelijk iets technisch wel haalbaar, maar de realiteit dat het ook wordt toegepast lijkt mij toch ver te zoeken.
Een renner die wanhopig op zoek is naar een overwinning? Die doen rare dingen, maar laat zich denk ik toch liever betrappen met een peertje onder z'n oksel, dan met een motortje onder z'n zadel.

Nu is het niet slecht om vanuit de UCI na te denken over vormen van fraude. Sierlijk zou echter zijn dat dit soort organisaties dat dan doen vanuit een visie en niet vanuit stemmingmakerij in de pers.

Jammer want het is een vlekje op een van de prachtigste solo's naar Roubaix die we ooit gezien hebben.
Cancellara verdient dat soort stemmingmakerij niet, maar heeft de overwinning wel dik verdient!

Schitterend!

Geniet nog even mee hoe Cancellara op "kousenvoeten" aan de haal gaat:



Podium 2010:
1 Fabian Cancellara
2 Thor Hushovd
3 Juan Antonio Flecha

vrijdag 27 maart 2015

Bianchi Parigi-Roubaix 1950

Morgen start in Modena een etappe van de Giro 2012. In de stad zijn al weken diverse activiteiten zoals een aantal exposities van oude racefietsen.
Onder deze fietsen veel bijzondere exemplaren zoals deze Parigi-Roubaix 1950.
Het gaat hier om een model waar Fausto Coppi in 1950 de overwinning mee heeft behaald.
Het versnellingsysteem is van Campagnolo en zou een verbetering moeten zijn ten opzichte van de cambio corsa.
Met de Cambio Corsa werd met een hendel de achteras los gezet. Met een andere hendel kan nu de ketting op een ander kransje worden "gemikt".
Door naar voren te trappen naar een lichtere versnelling en de as "rolde" in de patten naar voren om de kettingspanning niet te groot te laten worden.
Door naar achter te trappen kon de ketting naar een kleiner kransje worden geschakeld en "zakte" de as verder in de patten.
De opvolger van de Cambio Corsa bevat slechts één hendel en Coppi was niet misselijk in z'n kritiek.
Toch wist Fausto er mee te winnen en het systeem werd vanaf dat moment steevast Cambio Parigi-Roubaix genoemd.
In goede staat het neusje van de zalm voor verzamelaars.


Meer oude racefietsen in het fotoalbum Modena Giro stad

Cancellara niet in stenenklassiekers

Vandaag is in de E3 prijs Fabian Cancellara ten val gekomen. De val is dusdanig ernstig dat hij zoals het er nu naar uitziet niet zal deelnemen aan de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix. Na Tom Boonen de tweede belangrijke smaakmaker die niet aan de start zal verschijnen.


Foto: Zoals het er nu naar uitziet komt er geen vierde plaatje in de legendarische douches.

donderdag 26 maart 2015

Cambio Paris-Roubaix

In de jaren 50 had Campagnolo naast het bekende derailleur type ook een ander versnellingssysteem.
Dit systeem ging over de toonbank als Cambio Corsa.
De bediening ging via twee hendels die op de rechter achtervork waren gemonteerd.
Met een van de twee hendels zetten je de blokgage van het achterwiel los. Vervolgens kon je met de andere hendel naar een ander kransje (4 stuks) schakelen.
Afhankelijk van het op of terug schakelen moest je voor of achteruit trappen.
Schakelde je een kleiner kransje dan "zakte" het achterwiel verder in de extra lange achterpatten.
Schakelde je een groter tandje dan "trok" de ketting het wiel naar voren om ruimte te creëren zodat de ketting op het grotere kransje paste.
Om te zorgen dat het wiel mooi recht bleef waren aseinden en patten voorzien van een vertanding.

Na deze Cambio Corsa kwam Campagnolo met een verbeterde versie met slechts één hendeltje. Coppi was er niet tevreden mee maar won er in 1950 wel direct Parijs-Roubaix mee.
Hiermee was gelijk de naam voor het nieuwe versnellings-systeem geboren.
Lang bleef het echter niet in productie, want de "gewone" derailleur was aan een enorme opkomst bezig omdat deze nu eenmaal veel meer mogelijkheden gaf.
Daarnaast was lek rijden met de Cambio Corsa en Roubaix ook geen pretje en moest je al een halve mecanicien zijn om je fiets weer in elkaar te krijgen.

Op Youtube een filmpje gevonden waar het Cambio Paris-Roubaix systeem wordt gedemonstreerd.



woensdag 25 maart 2015

Loterij?

Over Parijs-Roubaix wordt wel eens gezegd dat het een loterij is. Vooral als de eerste klassiekers zich aandienen wordt dat maar al te graag geroepen.

Natuurlijk is het een koers met de nodige risico's maar wie naar de feiten kijkt moet toch tot een genuanceerder inzicht komen.

Veel valpartijen? Dat valt mee. Kijk eens naar de eerste etappes in de Tour. Dan liggen van de nervositeit de renners om de paar kilometer op het asfalt.
Het woord loterij wordt vooral gebruikt door hen die niet over het vermogen beschikken om over de kasseien te rijden of deze koers onvoldoende doorgronden.

Rijden op kasseien is immers een kunde die niet iedereen beheerst. Je hebt de flyers zoals De Vlaeminck en de stoempers als Moser en Demeijer.
Veel moderne specialisten zitten eerder in de eerste categorie en zoeven over de stenen.

Wie goed is valt niet. Wie goed is rijdt niet lek. Wie goed is zit van voren en heeft geen last van valpartijen. Loterij is een woord bedacht door hen die deze koers niet begrijpen.

Wat voorbeelden van renners die de koers wel begrijpen:

Moser - 13 deelnames, 7 keer podium, 3 keer winst, 10 keer bij de top 10 en slechtste notering een 19e plaats.

Roger De Vlaeminck - 14 deelnames, 1 opgave, 4 keer winst, 10 (!!) keer podium, slechtste notering een 7de plaats!

Tom Boonen - 10 deelnames, 1 opgave, 4 keer winst, 5 keer podium, 8 keer top 10, slechtste notering 24e plaats.

Cancellara - 8 deelnames, 3 keer winst, 4 keer podium, 6 keer top tien, slechtste notering 49e.

Ik zou veel renners tekort doen om een compleet overzicht te maken. Deze blog is er ook niet een van de rijtjes. Rijtjes op deze blog zijn er alleen om iets te illustreren en in bovenstaand schema horen natuurlijk namen als Merckx, Museeuw, Van Petegem, Ballerini, Ducloss Lassalle, Kuiper, Kelly en Demeijer. En als ik verder terug in de tijd ga wordt de lijst bijna eindeloos.

Tientallen renners hebben aangetoond dat Parijs-Roubaix helemaal geen loterij is. Ze hebben JUIST aangetoond dat klasse, keihard trainen, de juiste voorbereiding, doorzettingsvermogen en koersinzicht voor een consistent resultaat in deze koers kan zorgen. Meer dan in welke koers dan ook.

Het is ondenkbaar dat zo'n groot aantal renners zo'n regelmaat in hun rapportcijfers van een koers kunnen overhandigen als het echt een loterij zou zijn.

Of niet?


Foto: Bij een goede voorbereiding hoort een uitvoerige verkenning van het parcours. 
Hier de jongens van Saxo op de donderdag voor de koers in 2011.

maandag 23 maart 2015

Peter Post: 1964

Voor Peter Post heb ik altijd een enorme zwak gehad. Dat begon in 1970. Ik was zelf net 14 geworden en de overstapt gemaakt van de jeugdrenners naar de adspiranten.
We reden op de Coolsingel (Rotterdam) in het voorprogramma van de profs die daar een dernykoers reden.
Post reed tot twee maal toe lek en beëindigde wedstrijd op een van mijn wedstrijdwielen.
Ik ben verre van een handtekeningenjager, maar dit was toch een moment dat ik Post het programmaboekje liet tekenen. Natuurlijk heb ik dat nog steeds.
Ik was er ook bij toen Post z'n zware valpartij maakte op het Siberische hout van Ahoy. Uitgerekend zijn eigen terrein werd het einde van z'n carrière.
Op de baan haalde Post maar liefst 65 overwinningen in zesdaagsen en zeer veel titels waarbij hij vooral liet zien erg hard achter de derny te kunnen rijden. Snoeihard!

Naast zijn successen op de baan was Post bij het grote publiek vooral bekend als de stuwende kracht achter de succesvolle Raleigh formatie.
De successen van deze formatie zijn het op zich al waard een een hele blog aan te wijden.
Denk eens aan de Tour van 1980? 11 etappes en geel in Parijs!
Menig wielerliefhebber kijkt ook met heimwee terug naar deze zeer kleurrijke periode in de geschiedenis van de Nederlandse wielersport.



Foto: Uit m'n persoonlijke plakboeken: Op de Coolsingel in Rotterdam wordt
Peter Post geholpen door Wim Bravenboer met het wisselen van een wiel.
Het voorwiel - wat dus van mij is - was reeds gewisseld.


Veel minder bekend van Peter Post zijn de overwinningen op de weg.
Zonder enige twijfel is zijn overwinning in Parijs-Roubaix de mooiste.

In 1964 hadden de heren er echt zin in. De wind stond uit de goede hoek en het aantal kassseistroken was flink afgenomen.
Neemt niet weg dat je nog wel zelf moet trappen en dat deden de mannen. Niet zomaar mannen maar kleppers als Benoni Beheyt, Simpson, Desmet, Altig, Zilioli, Jan Jansen en Rik van Looy,
Beheyt die tot woede van half België het jaar ervoor wereldkampioen was geworden en heel brutaal Van Looy in de spurt achter zich had gelaten.

Beheyt was de week voor Parijs-Roubaix al tweede geworden in de Ronde van Vlaanderen. Benoni wilde bewijzen dat de regenboogtrui geen toeval was. Toch zou Benoni weer op een tweede plaats eindigen.
De hele dag is het volle bak en een select gezelschap bereikt met een onwaarschijnlijk gemiddelde van dik 45 per uur het velodroom van Roubaix.
Beheyt is bijna zegezeker, maar Post is nog behoorlijk fris en beschikt over de meeste ervaring op de piste.
Vrij makkelijk laat Post z'n medevluchters in de sprint achter zich en met een nonchalant en tikje arrogant gebaar bolt Post met de arme wijd in de lucht over de streep.

Een blik die ik van hem ken toen hij mij wiel wilde lenen. Een blik waar je geen nee tegen zegt.
Peter Post had een enorm charisma en - zoals ze in Vlaanderen zo prachtig zeggen - je ging echt niet met z'n voeten spelen.
Die zondag in April gebeurde dat ook niet en Post haalde z'n mooiste succes op de weg.

Podium 1964
1 Peter Post
2 Benoni Beheyt
3 Yvo Molenaars

Met het gemiddelde van 45.129 won Post tevens de gele wimpel. Dit is en onderscheiding voor de snelste klassieker. Er is inmiddels een aantal keer harder gereden in Parijs-Tours, maar Peter Post heeft nog steeds het record van de snelste Parijs-Roubaix.


Foto: Zelden heeft een ploegleider een merk en een kleur zo op de kaart gezet.
Menig (Nederlands) wielerliefhebber zal ook met weemoed terugdenken aan deze gouden jaren.

Holland Sport

Dit is toch een van de beste sportprogramma's die we de afgelopen jaren in Nederland op TV hebben gehad.
Vorig jaar stond Holland Sport op de strook van Mons en Pevele met een extra goeie (snelle) camera opgesteld en ze hebben er dit weergaloos mooie filmpje gemaakt:

zondag 22 maart 2015

Toertocht Kasseien Vreten 11 april 2015

Dit blijft een erg leuk kleinschalig evenement. Vooral geschikt voor de wielertoerist die persoonlijke benadering weet te waarderen.
Een belangrijk deel van het parcours van Parijs-Roubaix werk je af op de dag voor de grote koers.
Afstanden zijn 65, 115 en 145.
In de 145 zitten zoveel kasseistroken dat je bijna kan spreken van een volwaardige Parijs-Roubaix. De 115 is ideaal voor de wielertoerist die afgelopen winter wat minder aan de conditie heeft kunnen doen. De 65 is vooral bedoel als familietocht maar bedenk: kasseien zijn wel kasseien.

Gestart wordt er in Templeuve en dan bedoelen we het Franse Templeuve en niet het nabij gelegen Belgische dorpje. Omwille van de inkoop van de bevoorrading en het beperken van de administratieve rompslomp op de dag zelf is inschrijven vooraf verplicht.

Ik ben zelf aan het herstellen van blessures en ga dit jaar wellicht een keer de korte Parijs-Roubaix Challenge rijden, maar ga misschien wel helemaal niet die kant op.
ik heb zelf twee keer aan Toertocht Kasseien Vreten deelgenomen en kan deze een ieder van harte kan aanbevelen.

Website Kasseien Vreten
Facebookpagina Kasseien Vreten

Zie ook:
Verslag 2012
Verslag 2013


Foto: Op de dag voor de koers zijn er al veel - vooral Vlaamse - supporters en dat 
geeft een geweldige sfeer en extra kick. (editie 2012)

Carrefour de l'Arbre

2100 meter - 5 sterren

Dit is wellicht de meest cruciale strook van Parijs-Roubaix. Als het hier fout gaat heb je nauwelijks nog kans om het goed te maken. Na deze 2100 meter kasseien is het immers nog slechts 15 kilometer tot aan de finish.
De huidige vorm van Carrefour de l'Arbre zit pas sinds 1980 in de koers, maar de strook is inmiddels een legende op zich.
Dit vooral omdat op deze strook vaak de beslissing valt.
Mannen die niet zo snel in de sprint zijn proberen hier snellere medevluchters te dumpen.
Renners die de zoete smaak van een solo willen proeven wagen hier een laatste kans.


Foto: Hier in het begin van de strook. Let op het hoogteverschil van de kasseien. 
Ook is goed zichtbaar dat "reparatie" met andere kasseien is uitgevoerd.

Het oprijden van de strook is niet zonder risico en in deze bocht kan je een fatale fout maken. Vraag het maar aan Flecha die in 2009 hier z'n kansen verspeelde.
Het eerste deel van de strook is zeer, zeer slecht. Een aantal bochten maken het erg lastig om de juiste lijn te rijden.
Toch zal een ieder die deze strook een aantal keren goed verkend ontdekken dat ook dit deel van Carrefour prima te nemen is.
De zeer slechte sectie met de bochten is ongeveer een halve kilometer lang.
Dan volgt er een halve kilometer die nagenoeg recht is, maar er liggen geen twee kasseien netjes naast elkaar.
Grote verschillen in hoogte en stenen die ontbreken. Dit is een stuk stenen voor de allersterkste. Hier wordt het verschil gemaakt.
Wie sterk is moet hier vol gas geven. De zwakste gaan hier echt overboord. Hier kan je in 500 meter je tegenstanders volledig uitschakelen.
Je mag hier niet aarzelen. Wil je Parijs-Roubaix winnen dan moet je hier vol op het gas.
De bocht die volgt is enorm lastig. Hushovd verspeelde hier in 2009 z'n kansen door deze bocht verkeerd in te schatten.
Als je Parijs-Roubaix wilt winnen moet je deze bocht in een verkenning drie, vier waarom geen tien keer doen.
Aan de binnenkant van de bocht zitten diepe kuilen. Die probeer je te vermijden maar daardoor loop je het risico te ver naar buiten uit te komen.
Deze laatste bocht wordt in de volksmond inmiddels wel de Hushovdbocht genoemd.


Foto: Hier is goed te zien hoe het eerste zeer slechte deel overgaat in de laatste kilometer die er wat beter ligt. 
Goed is ook te zien dat dit een bocht is waar een foutje snel gemaakt is. 
Zeker als het stampvol staat met supporters en je overzicht beperkt is.

Na deze bocht is het nog één kilometer tot aan Restaurant de L'Arbre. Als je het restaurant zo zielig in het verlaten landschap ziet staan, dan vraag je je af welke optimist hier een horecagelegenheid begonnen is.
Het valt overigens niet mee om hier een afspraak te maken. Vaak dicht en rond evenementen alleen voor speciale gasten.
De kilometer tot het restaurant loopt iets op en na 250 kilometer koers doet dat extra zeer.
De kasseien liggen hier wat beter en het publiek schreeuwt je naar het einde. Vaak is het hier toch extra zwaar omdat in negen van de tien gevallen je hier wind op kop hebt.

Wie voor het eerst hier koerst denkt er bij het restaurant te zijn, maar je mag dan nog een voetbalveld tot de provinciale weg.
Nog 100 meter van die verduivelde stenen. Menig renners zal zich hier moedeloos en zuchtend naar het einde slepen.
Geen tijd om bij te komen want 180 meter verder is het de beurt aan de strook naar Gruson.

Carrefour de L'Arbre zorgt altijd voor schade en hier wordt ieder die misplaatst in de kopgroep zit overboord gesmeten. Als een afgedankte bidon gaan ze in de kant.

Niet ieder zal de behoefte hebben hier te gaan fietsen, maar ga er toch eens wandelen. Misschien niet de meest romantische plek om met uw lief te gaan wandelen maar wel boeiend.
In de velden staat immers nog genoeg wat aan oorlogen doet herinneren. Wandel deze strook eens af op een dag dat er geen koers is.
Probeer vanaf de boerenhoeve - waar de renners de stenen oprijden - je eens een voorstelling te maken dat hier gekoerst wordt. Probeer je eens voor te stellen hoe je hier zelf zou fietsen.


Foto: Na het restaurant is het nog 100 meter verduivelde stenen voor je het verlossende asfalt bereikt.

Een prachtige quote over deze strook is van Michel Wuyts: "Dit is de strook waar den Duvel z'n Moortgat opentrekt!" Helaas is dat voor het massaal opgekomen publiek het signaal om iets teveel bier te drinken.
Op deze strook is het jaarlijks namelijk bom en bomvol met supporters en niet een ieder weet zich even goed te gedragen.
Daarom is al een paar jaar tijdens de koers deze strook een biervrije zone. Jammer dat een paar prutsers het voor de rest verstieren.
Neemt niet weg dat een nuchter kijk op Carrefour de L'Arbre überhaupt niet mogelijk is.
Je moet wel een sadist zijn om hier renners te laten koersen. Wie dit in een parcours opneemt had ook regisseur van horrorfilms kunnen zijn. De meeste beschaafde jongens leren hier vloeken. Hier ben je in de achtertuin van de duivel.

Afbeelding: De strook loopt van het dorpje Champin en Pevele naar de D90

Op het restaurant hangt een plaquette. De strook is genoemd naar Jean Marie Leblanc, maar ieder zal toch liever de inmiddels mythische naam gebruiken: Carrefour de L'Arbre.

Filmpje valpartij Hushovd 2009

vrijdag 20 maart 2015

Ciao Ballero

Wie aan Ballerini denkt komt automatisch terecht bij Parijs-Roubaix. Aan de andere kant als je de uitslagen van Parijs-Roubaix doorloopt stuit je ook meermaals op Ballerini.

Ballerini is altijd een van m'n helden geweest en m'n maag draaide om op de 7e februari 2010 toen ik het nieuws vernam.
Ex-renner, rally amateur, bondscoach, maar vooral echtgenoot en vader van twee kinderen.
Te jong en nog teveel dromen..........

Later in 2010 ben ik ook naar z'n graf gegaan. Dat helpt. Je komt er niet omheen. Het is echt waar.
Ballerini is echt dood!

De uitgave van La Gazetta dello Sport helpt ook bij zoiets een plek te geven. Begrijpen ga je het nooit maar het moet wel een plek krijgen.
Want JOUW helden gaan niet dood!

In Ciao Ballero geeft La Gazzetta in honderd beklijvende pagina's een prachtig, maar ook zeker realistisch beeld van Ballerini.
Tachtig zorgvuldig uitgekozen foto's vertellen het beeldverhaal van Ballerini als jonge prof tot z'n massaal bezochte begrafenis.

Natuurlijk komt Parijs-Roubaix ruimschoots onder de aandacht. Alleen daarom al is dit boekje een must voor de Parijs-Roubaix verzamelaar.
Prachtig fotowerk van Luca en Roberto Bettini. De laatste was trouwens maar net bekomen van de dood van zijn motorrijder tijdens de Giro in 2009.

In het boekje dus ruime aandacht voor Parijs-Roubaix, maar meermaals wordt duidelijk gesteld dat Franco meer in z'n mars had. "Non solo Roubaix!"
In het boekje wordt dan ook ruim ingegaan op de volledige erelijst van Franco.
Vooral met veel fotowerk en de pagina's met droge lijstjes zijn gelukkig compact gehouden.
Uiteraard wordt ook uitvoerig ingegaan om z'n uitzonderlijke klasse als bondscoach.

Franco was een allemansvriend. Oprecht! Niet een opportunist, maar iemand die echt van mensen hield.
Dat beeld wordt door de foto's in dit boekje ook beslist opgeroepen. Een allemansvriend moet je ook een beetje zijn als je een Italiaanse coalitie naar een wereldkampioenschap moet sturen.
Ballerini was een meester in het samensmelten van belangen. Opmerkelijk hierbij is toch wel dat een renner die het in een individuele koers als Parijs-Roubaix het zo goed deed, als bondscoach ineens een enorme overstijgende teamplayer kan zijn.

Franco staat in dit boekje werkelijk met iedereen op de foto en dan begrijp je gelijk waarom zijn dood de Italiaanse wielersport zo geraakt heeft.

Ciao Ballero is een erg fraai eerbetoon dat iedere Ballerini (en PR) fan moet hebben. Met een prijs van net geen 10 Euro heb je ook niet het gevoel dat ze even makkelijk een paar centen aan z'n dood willen verdienen.

Aanrader!

Ciao Ballero

Espace Charles Crupelandt

300 meter - 1 ster

Als Crupelandt vanuit de hemel naar de hel kijkt zal hij toch met een glimlach de strook voor de wielerbaan aanschouwen.
Dat kijken moet dan wel figuurlijk gezien worden want toen Crupelandt in 1955 overleed waren niet alleen beide benen geamputeerd, maar was hij ook nog eens blind.
Vergruisd door wat smokkelklusjes in de Eerste Wereldoorlog heeft deze doorzetter nooit de eer gekregen die normaal een sporter in zijn stad zou krijgen.
Slachtoffer van het arrogante en formalistische Parijs moest Crupelandt na de oorlog z'n heil zoeken bij een kleinere wielerbond.
Uiteindelijk - veel Fransen uit WWI zijn alsnog gerehabiliteerd - kreeg Crupelandt toch de erkenning die hij verdient.
Met twee overwinningen (1912 en 1914) in de stenenklassieker en twee soortgelijke Tour etappes heeft deze inwoner van Roubaix absoluut recht op de laatste strook.
De strook heeft voor de koers geen invloed, maar toch is het een zeer bijzondere en symbolische strook. Van alle winnaars ligt er immers een plaquette in deze strook.
Wat een symboliek: als toekomstig winnaar rij je over alle voorgangers op een strook die genoemd is naar een van de grootste helden uit de begin periode van deze koers. Ook nog iemand uit Roubaix!

Voor Crupelandt zal de strook wat tam zijn, maar het moet dan ook gezien worden als de ultieme vereffening.


Foto: Van alle winnaars ligt er een dergelijke plaquette in deze strook. 
Hier die van Joseph Fisher de eerste winnaar van Parijs-Roubaix.

donderdag 19 maart 2015

De mythe van het materiaal

Er is geen koers waar verkeerd materiaal zo'n genadeloos effect kan hebben dan Parijs-Roubaix. Banden, wielen, speciale frames, dik stuurlint, crossfietsen en speciale zadels. Werkelijk alles wordt door de mecaniciens van topploegen uit de kast getrokken.
Toch ben ik zelf meer en meer er van overtuigd dat we het niet moeten overdrijven. Natuurlijk is de discussie van het materiaal wat tijdens Parijs-Roubaix wordt ingezet een onderdeel van de mythe maar is het echt allemaal zo belangrijk?

We moeten natuurlijk een onderscheid maken tussen een prof die tijdens de tweede zondag van april als eerste op de wielerbaan wil komen of een wielertoerist waar uitrijden doorgaans al meer dan voldoende uitdaging voor is.

Laten we beginnen met de profs. Economische aspecten spellen bij de beste ploegen geen enkele rol, maar marketing en imago des te meer. Ploegen die kandidaat winnaars hebben kunnen aan een hoop extra marketing exposure komen door flink hocus-pocus over het materiaal te doen.
Afgelopen weken probeerde een fietsfabrikant nog de naam Roubaix te kunnen claimen. Het ging om een Amerikaanse fabrikant en Amerikanen hebben nu eenmaal het gevoel dat ze de baas zijn van deze wereld. Toch laat dit naamconflict (ik ben er op deze blog bewust niet op ingegaan omdat ze als genoeg reclame kregen) prachtig zien hoe belangrijk Parijs-Roubaix voor sommige fietsfabrikanten is. Er is ook geen klassieker waar zoveel fietsen naar genoemd zijn. Over alle koersen doen alleen Tour, Giro en WK het beter.
Zodra marketing een belangrijke rol gaat spelen is het als consument verstandig om eens goed te kijken wat wel en niet relevant is.

Zelf heb ik inmiddels met een enorme diversiteit aan fietsen, wielen en banden op het parcours van Parijs-Roubaix gereden. Wat er in mijn ogen overblijft zijn maar drie dingen:
- de hoogte van de band
- bandendruk
- ruimte voor je banden (bij natte edities van belang)

De rest is echt hocus-pocus. Leuk voor filmpje op YouTube om extra reclame te maken. Tom Boonen of Fabian Cancellara winnen op iedere fiets als bovenstaande drie aspecten maar goed geregeld zijn.
Hoge banden betekend dat je brede banden moet nemen want ze zijn nu eenmaal (nagenoeg) rond. Dus kom je op minimaal 25 maar liever nog 27,28 of zelfs 30mm.
Er zijn profs die rijden met crosstubes waar "gewoon" profiel op zit.
Niet alle profs hebben echter de vrijheid over hun keuze voor de banden en soms kan je dat gewoon een overwinning kosten. Zo ben ik er 100% van overtuigd dat Peter van Petegem door gebrek aan vrijheid hij niet uit deze koers heeft gehaald wat erin zat.
Vooral bij TVM moest hij banden (geen tubes) rijden die voor een koers als Parijs-Roubaix gewoon een slechte keuze zijn. Met een andere keuze had hij zeker een keer een kassei vanuit "de Hel" richting de hemel mogen heffen.

Toch is het prachtig als begin april al die nieuwtjes en discussies over materiaal weer de kop opsteken. Ik ga al jaren op de donderdag of vrijdag voor de koers op het parcours kijken en rij een stukje mee met wat profploegen. De meeste rijden gewoon op hoge carbon velgen. Lek betekend dan doorgaans ook wel een kapotte velg, maar voor jongens van dit niveau is dat geen enkel bezwaar.

Ik heb zelf zeker 50 keer op het parcours van Parijs-Roubaix gefietst. Soms een paar stroken, maar ook al vier keer een volledige editie. Nooit iets bijzonders gehad en zelfs belachelijk weinig lek op de hoeveelheid keren dat ik er gefietst heb. Buiten de banden hou ik ook nergens anders meer rekening mee. Als je niet op de stenen kan rijden helpen al die dingen echt geen moer. Mooi voor de verhalen.

Toch mag van mij de mythe in stand blijven. Ik kan daarom nu al uitkijken hoe de pers over drie maanden zich weer door al die ploegen laten misbruiken om extra reclame voor frames, wielen, banden, sturen en zadels te maken. Spannende verhalen over nieuwe snufjes en sommige ploegen zijn afgelopen weken al in de hel wezen testen.

Wielertoeristen die bij hun editie van de Hellekoers niet over een materiaalwagen beschikken kunnen wellicht beter de keus maken om met handgespaakte wielen te rijden met 32 of 36 spaken. Als bij een modern systeemwiel een spaak breekt is de slag doorgaans zo groot dat doorrijden niet meer mogelijk is.
Breek je in een wiel met 32/36 een spaak is en doorgaans niet veel aan de hand en kan je je rit vervolgen.

Verder als wielertoerist gewoon lekker brede banden nemen en er zo weinig lucht in doen dat je net niet op de velg kan stoten. Met een los wiel kan je dat testen op de deurpost door het wiel er horizontaal tegen aan te drukken door bruusk met je volle gewicht de band in te drukken.


Foto: Profs tijdens de verkenning van 2010. Let op de 16 spaaks wielen! Was echter geen garantie 
voor parourskennis en ze begrepen als snel dat ze wat dat betreft bij ons in goede handen waren.

woensdag 18 maart 2015

Bijnamen

Is het je wel eens opgevallen dat het juist de winnaars van Parijs-Roubaix zijn die aansprekende bijnamen hebben gekregen?
Het zal verre van compleet zijn maar hier een leuk begin. Via reacties (of Facebook pagina) hoor ik graag als er aanvullingen zijn.
Ook leuk om te horen welke bijnamen jullie het mooiste vinden.


Hippolyte Aucouturier - De Verschrikkelijke
Greg Van Avermaet - Avi
Tom Boonen - Tornado Tom / De Bom van Balen
Fabian Cancellara - Spartacus, Platwalser
Fausto Coppi - Il Campionissimo
Charles Crupelandt - De Stier van het Noorden
François Faber - De reus van Colombes
Bernard Hinault - Le Blaireau (de das)
Sean Kelly - King Kelly
Hennie Kuiper - Goudekuipje
Rik Van Looy - De Keizer van Herentals, Rik II
Eddy Merckx - De Kannibaal
Johan Museeuw - de Leeuw van Vlaanderen
Francesco Moser - Checco
Henri Pélissier - Man van IJzer (Fil de Fer)
Peter Van Petegem - De Zwarte van Brakel, De Peet
Peter Post - De Lange
Jan Raas - "Amstel Gold" Raas
Gaston Rebry - Monsieur Paris-Roubaix, De bulldog
Rik Van Steenbergen - Grote Rik, Rik I
O'Grady Stuart - Stuey
Andrea Tafi - Il Gladiatore, Il Locomotiva
Roger De Vlaeminck - Monsieur Paris-Roubaix, Le Gitan


Foto: Hoe mooi sommige bijnamen ook zijn............in officiële publicaties worden toch de echte namen gebruikt. 
Boven de bar van Cafe Au Pavé op het complex van het velodroom van Roubaix.

Stuart O'Grady: 2007

De tragiek van de sterkste ploeg (CSC) leverde toch nog de overwinning op. Cancellara was na zijn overwinning van het jaar daarvoor huize hoog favoriet.
Ook ploegmaat Lars Michaelsen was goed op stoom en reed wederom erg sterk in "De Hel".
Lars was bezig aan z'n laatste koers en wilde nog één keer vlammen.
Nog één keer presteren voor het sterke collectief van CSC wat in die jaren een bijna sektarische club was.
Helaas viel Lars en kon hij niet meer bij de kop komen. Cancellara was in de kop weggevallen en kon het resultaat van 2006 niet evenaren.

Voor CSC een tegenvaller maar O'Grady zou alles toch nog rechtzetten.
In een zomerse editie gaat hij even buiten Cysoing aan de haal.
O'Grady beschikt over een zeer sterk eindschot, maar ging toch het risico van een sprint liever uit de weg.
In een solo van 25 kilometer stormde hij naar Roubaix. Zijn wereldtitel achtervolging (1995) kwam nu goed van pas.
Zeer sterk en met veel overtuigingskracht gaat hij over de stenen en z'n overwinning komt niet één keer in gevaar.
Met gebalde vuist rijdt hij z'n ererondje met bijna een minuut voorsprong op de achtervolgers.

Opmerkelijk in de uitslag is de achtste plaats van Enrico Franzoi. Deze Italiaanse veldrijder gaf minder dan een minuut toe op de winnaar. Jammer dat hij de daaropvolgende jaren met dat resultaat verder niks gedaan heeft.

Puike overwinning van O'Grady!

Podium 2007
1 Stuart O’Grady
2 Juan Antonio Flecha
3 Steffen Wesemann

maandag 16 maart 2015

Een kleintje Roger

Dit miniatuurtje heb ik gekocht op de beurs in Gaiole welke gehouden wordt op de dagen voor L'Eroica.
Roger de Vlaeminck in pocket formaat. Roger De Vlaeminck wist vier keer Parijs-Roubaix te winnen waarvan maar liefst drie keer in de kleuren van Brooklyn en rijdend op een Gios Torini Super Record.
Kenners weten natuurlijk gelijk om welke editie het hier gaat.

Gewoon leuk voor in een verzameling.

zondag 15 maart 2015

Gedicht: Daan de Ligt

De klassieker van de kasseien, regen, stof en blubber. Van somber Noord Franse plaatsjes. Als dichter heb je niet veel nodig en deze koers is meer dan eens een inspiratiebron voor taalkunstenaars geweest.
Deze vind ik zelf een van de mooiste:

Parijs-Roubaix (Daan de Ligt)

kasseien, regen, kou … een helse reis
‘La douce France’ ligt niet in het noorden
de beulen die hun eigen lijf vermoorden
betalen voor hun brood de hoogste prijs

ontvluchten zij een volger met een zeis
of is hier sprake van een groep gestoorden
die malend deze troosteloze oorden
verwisselt met het aardse paradijs

de winnaar juicht, krijgt knuffels van een miss
en schudt blijmoedig uitgestoken handen
vol onbegrip aanschouw ik het festijn

de meet ligt in een stad vol droefenis
Roubaix …mijn God, geen ziel wil er belanden
geen zinnig mens wil daar als eerste zijn

(uit de bundel 'Gedichten uit het ballenhok')

Gilbert Duclos-Lassalle: 1992 en 1993

Iedereen heeft z'n favorieten coureurs. Bij sommige wordt dat wat chauvinistisch ingegeven. Andere door een sponsor waar ze sympathie voor hebben.
Bij mij komt mijn sympathie voor bepaalde renners vooral voort uit hun gedrevenheid.
Trainingsbeesten en commitment zijn dan sleutelwoorden. Als we naar de laatste 50 jaar kijken dan hebben we het over De Vlaeminck, Moser, Ballerini, Kuiper, Hincapie, van der Poel, Tafi maar vooral Gilbert Duclos Lassalle.

Wat is dat een heerlijke vent!

Afkomstig uit de uitlopers van de Pyreneeën maar vooral succesvol in "Le Nord".
Ik heb Duclos-Lassalle altijd een pracht coureur gevonden. Lastig als hij het dan andere van je helden lastig maakt.

1992 Eindelijk
Ik veerde helemaal op toen Gilbert in 1992 z'n eerste Parijs-Roubaix won. Kippenvel! Sinds 1978 had deze held zich gegeven in "De Hel" en nu was er de beloning.
De grote beloning!

In 1980 was Duclos-Lassalle al eens tweede geworden achter een ontketende Moser. In 1983 weer een tweede plaats en nu was het Hennie Kuiper die voorkwam dat Duclos-Lassalle in Roubaix kwam winnen.
Duclos-Lassalle reed altijd een korte uitslag in "de Hel".
Toch was hij in 1992 al vijftien (!!!) jaar prof toen hij z'n eerste zege behaald in Parijs-Roubaix.
Het zolang proberen in je favoriete koers. Geweldige rapportcijfers neer kunnen leggen en..............en.......niet die hoogste tree.
Niet die sokkel met die kassei. Niet die koppen in de krant. Niet de complimentjes van collega's.
Hoe prachtig is het dat zo'n vent dan keer op keer toch gemotiveerd in Compiègne aan de start gaat staan. Het weer probeert.
Misschien een ander type tubes. Een andere voorbereiding. Een andere tactiek.
Kan allemaal zijn, maar Duclos-Lassalle beschikte vooral over volharding. Heel veel volharding.
Het is ook ondenkbaar dat er iemand het Gilbert niet gunde toen hij op zondag 12 april solo de wielerbaan op kwam rijden.
De Fransen werden bijkans helemaal gek want Duclos-Lassalle was ook nog eens het nationale knuffeldier.
Een status die je in Frankrijks niet snel verdient. Fransen zijn best chauvinistisch, maar om een knuffelheld te worden moet je toch wel wat bij ze losmaken.
Dat deed Gilbert op deze zondag. Menig wielerfan heeft bij de TV toch even moeten slikken en de ogen zullen best even aangedrongen hebben om wat tranen te laten.
Bij mijn prikte ze ook even. Wat een prachtig sportmoment!

Podium 1992
1 Gilbert Duclos-Lassalle
2 Olaf Ludwig
3 Johan Capiot

1993 IJzingwekkend
Een jaar later deed Gilbert het nog even dunnetjes over. Alleen nu was het een stuk lastiger.
Ook voor mij als toeschouwer was het een stuk lastiger. Duclos-Lassalle kwam namelijk samen met Franco Ballerini de wielerbaan oprijden.
Ballerini had al een paar jaar op de deur geklopt en laten zien dat hij uit het juiste hout gesneden was om de Koningin van de Klassiekers een keer te winnnen.
Op de wielerbaan gaat de bel voor de laatste ronde en als supporter van beide renners zit je nerveus voor de buis.
Natuurlijk gaat een van je helden winnen maar............er gaat ook een van je helden verliezen.
Je probeert in 500 meter een keuze te maken. Gilbert, Franco, Gilbert, Franco.
Ik zie ze over de pompeuze baan rijden en frommel de laatste chips naar binnen en neem nog gehaast een slokje cola.
Gilbert, Franco, Gilbert, Franco.................... 
Ik bedacht dat Gilbert met zijn staat van dienst best wel twee keer deze koers op z'n erelijst mag hebben. Ik bedacht dat het tijd was voor Ballerini om definitief door te breken.

Vervolgens bedacht ik dat ze het maar samen uit moesten vechten. Zoek het maar uit. Je neemt even emotioneel afstand om een nakende teleurstelling aan te kunnen.
Je hoopt dan op een sprint waarbij het resultaat een dikke fiets verschil is. Dan is er geen kater. Dan weet je dat het zo was. Dan was een van de twee op afstand de sterkste.
Nu maakte beide heren er een triller van. Met minimaal verschil gingen ze over de streep.
Ballerini gooide direct de handen in de lucht.
Ik gunde het hem maar was er niet zo zeker van. Met een opera alsof er niet zoiets als een fotofinish is probeerde Ballerini niet alleen zichzelf, maar iedereen te overtuigen dat hij en niemand anders de winnaar was.
Ballerini was geen onsportieve renner, maar in een aantal deelnames had hij geproefd dat hij deze koers ooit zou gaan winnen. Wat wilde hij graag dat dit waar zou zijn.

Ooit maar niet die dag. De camera's waren meedogenloos.

Duclos-Lassalle mocht plaats nemen op het hoogste schavot. Een verdiend winnaar en ieder had gezien dat Ballerini klaar was om deze koers zeker een keer te komen winnen.

Podium 1993
1 Gilbert Duclos-Lassalle
2 Franco Ballerini
3 Olaf Ludwig

Als renners zoals Duclos-Lassalle stoppen met koersen heb ik altijd een beetje het gevoel dat de wielersport een beetje dood gaat.

Wat een vent, wat een coureur, wat een held!

Foto: De kasseistrook even buiten Cysoing is vernoemd naar onze Franse held. 
Links van de weg staat bij het oprijden van de kasseien dit fraaie schild.

Bij Ballerini was de teleurstelling enorm groot. Op de vraag waar het fout ging antwoorden Franco heel emotioneel: "Dat ik ooit aan wielrennen ben gaan doen"
Hij bezwoer nooit meer in Roubaix te verschijnen.
Gelukkige heeft Franco zich niet aan z'n woord gehouden en heeft z'n hart (Franco hield van koers) het van de teleurstelling gewonnen.
Neemt niet weg dat deze prachtige overwinning van Duclos-Lassalle voor Franco even een forse mand zure appels was.